Weekly Mints #102 #ietsteverbergen of #nietsteverbergen

6–9 minuten leestijd

 

15 september 2016, de avond van het Grote Privacy Experiment. Het woord experiment klinkt toch wat eng. Wat zou de Correspondent voor ons bij de lancering van het boek ‘Je hebt wél iets te verbergen’ van Dimitri Tokmetzis en Maurits Martijn in petto hebben?

Begint lekker

Rob Wijnberg, hoofdredacteur van de Correspondent, trapte de avond af. Hij liet onder andere filmpjes en foto’s zien van medewerkers van De Correspondent. Maurits Martijn bleek in het verleden propper in Salou geweest te zijn. Het bewijs is te vinden in een aflevering van Jambers die weer te vinden is op Youtube. De boodschap is dat dit mooi het grote verschil met ‘vroeger’ aangeeft.

‘Vroeger’, pre-Facebook en -Google, was informatie lang niet voor altijd beschikbaar en al helemaal niet voor de hele wereld. De stelling van Wijnberg is dat je toen, in iedere fase van je leven en ten opzichte van anderen, een ander persoon kon zijn. Nu is dat anders, we leven in een tijd van content collapse, een term waar ik nog niet eerder van gehoord had. Wijnberg omschreef het als volgt: “al je identiteiten en de verschillende tijden en gelegenheden botsen tegen elkaar, ze vermengen zich”. Wijnberg liet de term overigens al eerder vallen in een artikel op de Correspondent in 2014: “Ergens is er iets aan de hand en er wordt wat van gevonden

“Context collapse bemoeilijkt dit sociale rollenspel enorm. Of preciezer: in het elektrische tijdperk, waarin alles wat je zegt, denkt, doet en voelt – door jezelf en door anderen – omgezet kan worden in ‘een beeld’ voor een ongedefinieerd publiek, is het moeilijker ‘jezelf te zijn’ en moeilijker controle uit te oefenen over hoe jij en je communicatie moeten worden begrepen.”
Rob Wijnberg, de Correspondent

 

En toen was het publiek aan de beurt

Na zijn inleiding kondigde Wijnberg de schrijvers van het boek aan. Dimitri Tokmetzis en Maurits Martijn kropen vrijwel direct achter de laptop. Al snel werd de eerste naam genoemd. “X, waar ben je?”. Ze wisten van alles te melden over de ‘uitverkorenen’. Woonplaats, waar de vakantie heen gegaan was en noem nog maar een willekeurig persoonlijk detail. Ze hadden een soortgelijke ‘grap’ overigens ook al uitgehaald op Facebook.  Ik denk dat het een van de weinige, en meest confronterende, manieren is om mensen duidelijk te maken dat de uitspraak ‘ik heb toch niets te verbergen” niet helemaal juist is.

creepy-advertenties-promotie-boek-de-correspondent

©de Correspondent

Het is een beetje het boiling frog syndroom. Het is allemaal wel makkelijk en comfortabel met Facebook, Google en anderen, maar ondertussen heb je niet door wat ze allemaal aan gegevens van jou verzamelen en wat ze daarmee doen.

Hoe apparaten over ons roddelen

Social Sorting, een term waar velen nog nooit van gehoord hebben. Deze werd het publiek in gegooid door Dimitri, die vertelde dat als je maar genoeg gegevens hebt van mensen dat je ze dan kunt indelen in verschillende categorieën en ze op basis daarvan een andere behandeling kunt geven. Een nieuwe maakbaarheidsgedachte. De grote vraag hierbij is: Wat als de gegevens niet kloppen?

Verder leerde we van Dimitri dat er websites zijn die je browser de opdracht geven een voor jou onzichtbare tekening te maken. Het is een unieke tekening waarmee je te herkennen bent. canvas fingerprinting wordt dit genoemd. Daarnaast is er nog audio fingerprinting. Hierbij produceert je browser een, voor jou onhoorbaar, geluidssignaal dat ook weer uniek is en waarmee je te herkennen bent

In het artikel van Dimitri op de Correspondent wordt deze strategie door ‘de gluiperds die je de hele dag achtervolgen‘ gebruikt.

Twee voordrachten

Daarna was het de beurt aan Tommy Wieringa. Hij werd aangekondigd als de Nederlandse schrijver die het meest in aanmerking kwam om een roman te schrijven als Dave Eggers met de Cirkel had gedaan. Wieringa zag het zelf overigens niet zo. Maxim Februari sloot de lezingen af met wat ik de meest interessante en humorvolle lezing vond. Deze is, helaas, nog nergens online terug te vinden.

Het debat

Voor het debat schoof een interessant gezelschap aan. Klimaat & Energie correspondent Jelmer Mommers, Europarlementariër Sophie in ’t Veld en Hans Zwart, directeur van digitale burgerrechtenbeweging Bits of Freedom. Zij gaven hun visie en ideeën over privacy, het debat hierover en de lobby. De hoofdvraag was of we iets konden leren van de succesverhalen van de milieulobby, een vergelijking die in het boek ook gemaakt wordt. Beide zijn ‘problemen’ die we niet als de onze zien en waarvan we ook niet het idee hebben dat wij er iets aan kunnen doen of veranderen.

Sophie vond ik de sterkste in het debat, de meest positieve én de enige vrouwelijke spreker tijdens de hele avond. Zij had ook goed nieuws te melden. Europa heeft de strengste en beste wetgeving op het gebied van privacy. Het slechte nieuws, waar ze het alle drie over eens waren, is dat wij (de burger) nog altijd niet de gevaren van het steeds meer opgeven van onze privacy zien. We gaan liever voor gratis diensten die ons leven makkelijker maken. En daar komt ook nog bij dat we de jacht op onze persoonsgegevens niet (kunnen) zien. Weet jij wie er in je nek staat te hijgen als je een film op Netflix kijkt? Of als je het nieuws aan het scannen bent op Nu.nl?

Verschillende belangen

De waarschuwing die al langer rondzingt: ‘If you are not paying, you are the product’ leggen we nog altijd veel te makkelijk naast ons neer. Kijk maar naar het Whatsapp debacletje waar we het nu bijna niet meer over hebben. En dan hebben we natuurlijk nog de overheid. Waar bevindt die zich in het hele privacy verhaal? Zij zijn minstens zo erg als Facebook en Google en dat, terwijl hun taak toch eigenlijk zou moeten zijn ons te beschermen tegen het kwaad. Volgens Sophie vormen de verschillende belangen een van de grootste obstakels. Ik sluit me daar helemaal bij aan. Hoe we dit probleem kunnen tackelen wordt er niet makkelijker op.

Als je nu nog niet door had dat je wel degelijk iets te verbergen hebt

Als uitsmijter van de avond werd ethisch hacker Wouter Slotboom het podium opgereden. Breed glimlachend. Hij had namelijk een openbaar wifi-netwerk aangemaakt waar minstens de helft van de zaal op ingelogd was. Het netwerk was openbaar en van hem. Wouter wist alles van de mensen die op het gratis netwerk ingelogd waren. Ook van de mensen die snel uitgelogd waren toen zij begrepen dat het wel eens mis kon gaan.

En Wouter wist veel, heel veel. Hij wist dat er veel aanwezigen tijdens de avond andere dingen aan het doen waren, filmpjes kijken bijvoorbeeld. Hij wist welke afbeeldingen er bekeken waren, op welke sites er ingelogd was en ga zo maar door. De tip die ik hieruit meenam is, naast dat je nooit op een openbaar wifi netwerk moet inloggen, je ook even het knopje ‘Vraag om verbinding’, waarmee er automatisch verbinding wordt gemaakt met bekende netwerken, moet uitzetten.

Als je hierna nog niet begrijpt dat gratis niet bestaat en dat gratis een gevaar voor je privacy en (online) veiligheid is weet ik het ook niet meer.

Wat je zelf alvast kan doen

Bekijk de Digitale Zelfverdedigingsgids op de Correspondent. De Internet Vrijheid Toolbox van Bits of Freedom is in dat kader ook een aanrader of je luistert het interview met Hans Zwart dat gisteren op de Correspondent verscheen.

Ik sluit graag af met een van de realistische adviezen van Hans:

“Ga bewust om met technologie. Stoppen is onzin, maar je kunt wel goed nadenken over wat het betekent. Precies zoals we bewust om kan gaan met eten.”

Hans Zwart

 

Zelf ga ik nu snel beginnen in mijn boek ‘Je hebt wél iets te verbergen‘.

Wordt vervolgd.